25-10-06

Wettige zelfverdediging van goederen?

Een geleerd stukje.

Sinds de roofmoord in Lede maken de media weer eens een inventaris op van de voor’s en tegen’s van het recht voor winkeliers om gewapenderhand hun waren te verdedigen. In het Nederlandse strafrecht kent men de wettige verdediging van goederen, maar er worden wel hoge eisen gesteld van subsidiariteit en proportionaliteit.

Artikel 41.1 Wetboek van Strafrecht luidt: "Niet strafbaar is hij die een feit begaat, geboden door de noodzakelijke verdediging van eigen of eens anders lijf, eerbaarheid of goed tegen ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding". De rechtsleer noemt dit noodweer, een vorm van eigenrichting, die in zeer dringende omstandigheden toelaatbaar is, wanneer de overheid geen bescherming van de aangerande rechtsgoederen kan bieden. Noodweer wordt beschouwd als een rechtvaardigingsgrond: hoewel het gedrag in wezen onrechtmatig en strafbaar is, levert het toch geen misdrijf op.

Noodweer kan dus niet alleen ingeroepen worden bij de verdediging van zichzelf, maar onder dezelfde voorwaarden ook bij de bescherming van anderen. De bestreden aanranding moet een onmiddellijk dreigend gevaar vormen. Dat betekent dat noodweer niet geldt wanneer de aanranding niet is begonnen, maar ook niet wanneer ze al voorbij is. Er is dan immers geen sprake van ogenblikkelijkheid. Er is dus ook geen sprake van (zelf)verdediging wanneer de aanvaller al wegloopt. Een schot of een steek langs achteren toegebracht is al bijna een bewijs dat er geen sprake was van noodweer.

Ook de rechtsgoederen die verdedigd mogen worden zijn beperkt: lijf, eerbaarheid en goed. Onder dat laatste wordt verstaan het stoffelijke goed zelf, en niet het recht op dat goed. Met andere woorden, goederen kunnen beschermd worden tegen beschadiging, maar aantasting van het eigendomsrecht is geen aanranding waartegen men noodweer kan aanvoeren.

De wet stelt zelf de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Het op zich strafbare feit moet begaan zijn "geboden door de noodzakelijke verdediging". Dit betekent dat er een zeker evenwicht moet zijn, zowel in de belangen die aangetast worden, als tussen de ingezette middelen. In de rechtspraak wordt een beroep op noodweer niet makkelijk aanvaard. De Nederlandse rechter heeft toch de neiging te oordelen dat vaak andere en minder vergaande middelen dan gewelddadige bescherming van aangerande belangen even toereikend hadden kunnen zijn.

Worden de grenzen van de proportionaliteit overschreden, als de verdediging onevenredig heftig is ten opzichte van de aanranding, dan kan er sprake zijn van noodweerexces (een teveel aan noodweer). In dit geval is er geen sprake van een rechtvaardigingsgrond, die het misdrijf niet bestaande maakt, maar van een schulduitsluitingsgrond, die de schuld van de verdachte uitsluit of vermindert. Het gedrag wordt niet gerechtvaardigd, maar de verdediger treft geen of minder verwijt. Noodweerexces komt aan de orde wanneer de aangevallen persoon meteen, tengevolge van een hevige gemoedsaandoening die veroorzaakt wordt door de aanranding, overdreven heftig reageert.

Er kan echter ook sprake zijn van noodweerexces wanneer een ‘normale’ evenwichtige zelfverdediging doorschiet naar een disproportionele aanval. Deze laatste interpretatie werd door de Hoge Raad voor het eerst geformuleerd in het ‘Ruzie te Loon-op-Zand’-arrest uit 1988. Daarbij had iemand die eerst een welgemikte trap in het kruis had gekregen, teruggemept, hoewel er geen verdere dreigende en onmiddellijke aanranding meer te vrezen was. Toch oordeelde de Hoge Raad dat het terugslaan het onmiddellijke en rechtstreekse gevolg was van de hevige gemoedsbeweging die was ontstaan door de eerste schop tegen zijn kloten.

20:50 Gepost door durieux in Actualiteit | Permalink | Commentaren (1) | Tags: justitie, nederland |  Facebook |

Commentaren

debat we moeten een debat voeren op school over:"iedereen moet zichzelf en z'n goederen op een passende manier kunnen verdedigen"

kunt u ons daarbij helpen?



met vriendelijke groet Tom

Gepost door: tom | 12-01-08

De commentaren zijn gesloten.