25-10-06

Moby Dick - nawoord

Mijn serietje over Moby Dick is al een tijd afgelopen, maar plots dringt een nawoord zich op. IJsland staat de walvisjacht weer toe, en een verslag van de verwerking van de dieren staat in de Volkskrant http://www.volkskrant.nl/buitenland/article362279.ece/De_...

 

Vergelijk maar met de tijd van Melville.

12:07 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

01-10-06

Moby Dick (14)

In blinde woede, zoals dat heet, stort de potvis zich nu op het moederschip. "Vergelding, snelle wraakneming en onblusbare haat was wat zijn gedrag uitstraalde, en wàt de sterfelijke mens er ook tegen had willen beginnen, de grote witte stormram van zijn voorhoofd ramde de stuurboordboeg van het schip, tot mannen en spanten eronder bezweken. [-] Door de breuk hoorden ze het water met geraas binnenstromen, als bergstromen in een ravijn."

Er volgt een gevecht op leven en dood tussen de gekwetste potvis en de bemanning in haar wankele sloep. "De harpoen werd geworpen; de getroffen walvis schoot met een ruk vooruit; met vonken afgevende snelheid vloog de lijn door de gleuf – raakte in de war. Achab bukte zich om hem uit elkaar te halen; dat lukte, maar de wervelende slag ving hem om zijn nek, en even stemloos als Turkse stommen hun slachtoffer worgen, werd hij uit de sloep gerukt eer de bemanning wist dat hij verdwenen was. Het volgende ogenblik vloog de zware oogsplits aan het eind van de lijn uit de nu geheel lege bak, sloeg een roeier neer, klapte op het water en verdween in de diepte."

Met het schip gaat het ook niet goed intussen. "Niet lang daarna zagen ze door een wazige, verwarrende nevelmassa zijn zijdelings zinkende schim, als het waas van een Fata Morgana; met alleen nog de maststengen boven water; vastgenageld door verdwazing, of loyaliteit, of door het lot zelf aan hun eens zo hoge uitkijkposten, handhaafden de heidense harpoeniers hun zinkende uitkijk op zee."

Er volgt nog een schitterende alinea over het zinken, en over een giervalk, die door stom toeval vastgenageld wordt aan de mast, en die "krijtend als een aartsengel" mee in de golven verdwijnt.

"Now small fowls flew screaming over the yet yawning gulf; a sullen white surf beat against its steep sides; then all collapsed, and the great shroud of the sea rolled on as it rolled five thousand years ago."

Alleen Ishmael overleeft, door aan boord te klimmen van een houten doodskist, die uit het wrak naar de oppervlakte is geschoten.

 

19:37 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (13)

Er wordt de hele nacht gewerkt om de sloepen op te kalefateren, en de derde dag gaat de jacht verder. Rond de middag stelt Ahab vast dat zij in de nacht de walvis voorbij moeten zijn gevaren, en het schip keert tegen de wind terug. "Tegen de wind koerst hij nu recht in de open muil", mompelde Starbuck.

"’Starbuck!’

‘Sir?’

‘For the third time my soul’s ship starts upon this voyage, Starbuck.’

‘Aye, sir, thou wilt have it so.’

‘Some ships sail from their ports, and never afterwards are missing, Starbuck!’

‘Truth, sir: saddest truth.’

‘Some men die at ebb tide; some at low water; some at the full of the flood; - and I feel now like a billow that’s all one crested comb, Starbuck. I am old; - shake hands with me, man.’

Their hands met; their eyes fastened; Starbuck’s tears the glue.

‘Oh, my captain, my captain! – noble heart – go not – go not! – it’s a brave man that weeps; how great the agony of the persuasion then!’

‘Lower away!’ – cried Ahab, tossing the mate’s arm from him. ‘Stand by the crew!’

Zodra de sloepen in het water liggen, worden ze aangevallen door ontelbare haaien. Dat is niet ongewoon in streken waar haaien de schepen en de aangeschoten walvissen volgen, zoals gieren. Maar nu is het alleen de sloep van Ahab die ze volgen en zelf aanvallen.

Plots duikt Moby Dick op, en "om en om vastgesjord op de rug van de walvis, geketend in de ontelbare slagen van diverse lijnen die de walvis tijdens zijn nachtelijke omwentelingen gemaakt had, zagen ze het half verscheurde lichaam van de Parsi (Fedallah); zijn zwarte gewaad aan flarden, zijn opengespalkte ogen pal op de oude Achab gericht".

19:34 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (12)

Op de tweede dag varen de sloepen weer uit, en Moby Dick krijgt verschillende harpoenen in het lijf.

"Maar ten slotte had de Witte Walvis in zijn onnaspeurlijke omwentelingen de drie vierende lijnen die in hem vastzaten zo met elkaar gekruist en nog eens gekruist en op duizenden manieren om elkaar heen gewonden, dat ze steeds korter werden en uit henzelf de toegewijde sloepen via de in hem geplante ijzers aantrokken; …"

gregory%20peck%20fra%20filmen%20Moby%20Dick

 

Er zit niets anders op dan de lijnen door te snijden, als men tenminste niet in de wirwar van touwen en kromgebogen harpoenen en lansen met sloep en al op de walvis getrokken wil worden en mee naar beneden gezogen. Al bij al komen de walvisvaarders weg met alleen materiële schade. Hoewel, Fedallah, de geheimzinnige en angstaanjagende harpoenier, die zich pas halverwege de reis op het schip bleek te bevinden, lijkt verdwenen.

19:33 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (11)

In hoofdstuk 133 hebben Ahab en zijn mannen de witte walvis eindelijk in het vizier gekregen. Melville heeft dan nog 32 bladzijden om een eind aan het boek te breien. De eerste nacht en dag wordt de walvis opgejaagd in sloepen, maar de jacht is vooralsnog niet echt een succes.

"…, want Achab kon in zee nog geen teken van leven bekennen. Maar ineens, terwijl hij dieper en dieper in het water tuurde, zag hij heel ver in de diepte een witte levende stip, niet groter dan een witte wezel, die met onvoorstelbare snelheid opsteeg en onder het stijgen almaar groter werd, tot het witte pak zich omdraaide en er duidelijk twee lange rijen gebroken witte, glinsterende tanden zichtbaar werden naar boven drijvend vanuit een onpeilbare bodem. Het was Moby Dicks open bek en gekrulde kaak; zijn onmetelijke overschaduwde massa lag nog voor de helft in het blauw van de zee. De glinsterende bek gaapte onder de sloep als een marmeren grafkelder waarvan de deur openstaat; [-] Maar alsof hij deze strategie had doorzien, verplaatste Moby Dick zich zijdelings, met heel die boosaardige intelligentie die aan hem werd toegeschreven, om in een seconde met zijn gegroefde kop de sloep van onderen overlangs een opdoffer te verkopen."

Enfin, het beest ontkomt.

19:30 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (10)

Hoofdstuk 122, integraal:

"Middernacht in de masttop. Donder en bliksem

De grote marsra. – Tashtego slaat er nieuwe sjorringen omheen.

‘Um, um, um. Stop that thunder! Plenty too much thunder up here. What’s the use of thunder? Um, um, um. We don’t want thunder; we want rum; give us a glass of rum. Um, um, um!’"

19:29 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

27-08-06

Moby Dick (9)

Moeten wij dan niet bang zijn dat de walvis zal uitsterven, vraagt Melville zich af in het hoofdstuk ‘Does the Whale’s Magnitude Diminish? – Will He Perish?’ Tenslotte heeft hij al uitgebreid beschreven hoe op de beesten gejaagd wordt voor hun olie en amber: "… whether he must not at last be exterminated from the waters, and the last whale, like the last man, smoke his last pipe, and then himself evaporate in the final puff."

Neen, dat risico bestaat niet. Het is niet zoals met de buffels, die volledig zijn uitgeroeid in Illinois. Veertig walvisjagers op één schip, die 48 maanden van huis zijn, zijn blij als zij kunnen terugkeren met de olie van veertig dieren. Dat is heel wat anders dan in de tijd van de trappers en de indiaanse jagers, die te paard in dezelfde tijd niet veertig, maar veertigduizend buffels zouden hebben afgeslacht; "a fact that, if need were, could be statistically stated."

Bovendien, als het gevaar echt groot wordt kunnen, zoals de ijzige Zwitsers zich terugtrekken op hun bergen, de walvissen onderduiken onder de ijsbergen boven de poolcirkel. En dat er veel van die enorme walvissen zullen blijven, is ook niet ongeloofwaardig. Kijk maar naar de olifanten, die zijn ook groot, en daar wordt al duizenden jaren op gejaagd, door types van Semiramis tot Hannibal en de monarchen van het Oosten en de koning van Siam. En toch leven er nog steeds van die dieren. Waarom zou de walvis dan uitsterven?

Tja.

18:26 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (8)

Hele hoofdstukken zijn gewijd aan (pseudo-)wetenschappelijke beschrijvingen van walvissen en potvissen, binnen en buiten, boven en onder, van de plek van de ogen tot de samenstelling van de staart.

Als aanloop naar hoofdstuk 103, Measurement of the Whale’s Skeleton, beschrijft Ishmael hoe hij te werk zal gaan bij het meten en optekenen van het skelet van een op een eiland aangespoelde potvis.

"The skeleton dimensions I shall now proceed to set down are copied verbatim from my right arm, where I had them tattooed; as in my wild wanderings at that period, there was no other secure way of preserving such valuable statistics. But as I was crowded for space, and wished the other parts of my body to remain a blank page for a poem I was then composing –at least, what untattooed parts might remain- I did not trouble myself with the odd inches; nor, indeed, should inches at all enter into a congenial admeasurement of the whale."

Neen, inches passen niet om de walvis te beschrijven. "Vaak hoort men dat schrijvers geheel in hun onderwerp opgaan, ook al is dat onderwerp maar iets heel gewoons. Hoe zal het mij dan vergaan, schrijvend over de leviathan? Onbewust vergroot mijn chirograaf zich tot letters voor een aanplakbiljet! Geef mij de veer van een condor! Geef me de krater van de Vesuvius als inktpot! Vrienden, steunt mijn armen! [-] Zo expansief en zo heerlijk is de kracht van een vrij en veelomvattend onderwerp! Onze expansie is even groot als zijn onmetelijke lijf. Om een machtig boek te schrijven moet je een machtig thema kiezen. Nooit kan er een spannend en dik boek geschreven worden over een vlo, ook al mogen velen het hebben geprobeerd."

18:02 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

22-08-06

Moby Dick (7)

Ter illustratie een fragment uit het zeer korte hoofdstuk 97, ‘The Lamp’. Aan dit hoofdstuk zijn al tientallen bladzijden voorafgegaan met technische beschrijvingen van de drie meest waardevolle producten waarvoor de potvis gejaagd wordt: witte en grijze amber (resp. sperm en ambergris) en olie.

Op bepaalde ogenblikken hebben walvisjagers inmiddels zoveel olie aan boord, dat de bemanning vrijelijk kan ‘tappen’ uit de vaten die op het dek staan.

"In merchantmen, oil for the sailor is more scarce than the milk of queens. To dress in the dark, and eat in the dark, and stumble in darkness to his pallet, this is his usual lot. But the whaleman, as he seeks the food of light, so he lives in light. He makes his berth on Aladdin’s lamp, and lays him down in it; so that in the pitchiest night the ship’s black hull still houses an illumination.

See with what entire freedom the whaleman takes his handful of lamps –often but old bottles and vials, though- to the copper cooler at the try-works, and replenishes them there, as mugs of ale at a vat. He burns, too, the purest of oil, in its unmanufactured, and, therefore, unvitiated state; a fluid unknown to solar, lunar, or astral contrivances ashore. It is sweet as early grass butter in April. He goes and hunts for his oil, so as to be sure of its freshness and genuineness, even as the traveller on the prairie hunts up his own supper of game."

Niet voor vegetariërs.

20:37 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (6)

Toen ik een tijd geleden aan Moby Dick begon, had ik het idee (vanuit mijn jeugd) dat het een avonturenroman is over de jacht op de witte walvis. Dat valt vies tegen.

Herman Melville is zelf gedurende één jaar walvisvaarder geweest, vóór hij tijdens een expeditie deserteerde, en op eigen houtje weer naar huis keerde. Het boek is eigenlijk veel meer een uitputtende beschrijving van alles wat ook maar van ver of van dichtbij te maken heeft met de walvisjacht: de schepen, de dieren, de zee en het weer; de ontmoeting met andere schepen; de zeer merkwaardig samengestelde bemanning; de mores van Hollanders, Duitsers, Fransen en Engelsen in de business; het leven aan boord; het wapentuig en het gereedschap om de potvis te jagen, te doden en te verwerken; filosofische overpeinzingen over de wereld, de mens, god en de (on)eindigheid.

De hele tekst vertoont een soort goedkope hoogdravendheid, met talrijke verwijzingen naar beroemde filosofen en antieke Griekse auteurs. De personages zelf spreken bovendien een –ook voor dit tijd, 1851- archaïsch Amerikaans. Melville gebruikt een groot aantal idiomen, van bombastische dialogen, over ouderwetse theaterscènes (genre ‘P. houdt zich schuil achter de mast en luistert toe’ in het midden van een gesprek), tot droge wetenschappelijke beschrijvingen.

Toch is er heel vaak een zweem van humor achter of in de tekst, soms door overdrijving of het nadrukkelijke gebruik van versleten clichés, dan weer door komische vergelijkingen, of door absurde redeneringen.

En soms zijn er ook gewoon heel lyrische passages over de zee of over de potvis die straks zal worden gedood.

20:36 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick & St. George

Wat hiervan te denken? Op 6 augustus maak ik een gruwelijk stomme fout in Moby Dick (4) http://durieux.skynetblogs.be/?number=1&unit=days&date=20060806#3569511.

 

Ofwel leest niemand die stukjes over Moby Dick, of men vindt het niet de moeite om te reageren, of niemand heeft de stommiteit opgemerkt.

 

Obviously is “St. George, die men in België kent als ‘Sint Joris en de draak’”,  niet bekend van de vroegere pakjes Groene Michel of het Brusselse wapenschild. De figuur op de pakjes Groene Michel is uiteraard de H. Michael, die in de bijbel de duivel of een draak verslaat. En de patroonheilige van Brussel is diezelfde Sint Michiel, die ook nog eens vernoemd wordt in de lokale kathedraal Sint Michiel en Sint Goedele.

 

Dat is weer rechtgezet. Hieronder de vlag van Brussel.

 

 

 

14:09 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

06-08-06

Moby Dick (5)

En als Ishmael als walvisjager al heroïsche voorgangers heeft, hij voelt ook verwantschap met de walvis zelf. De aanleiding ligt in de stroom waterdamp, die het dier via het gaatje in zijn kop uitstoot wanneer het boven water komt. Dit vormt het bewijs van de diepzinnigheid van het beest.

"He is both ponderous and profound. And I am convinced that from the heads of all ponderous profound beings, such as Plato, Pyrrho, the Devil, Jupiter, Dante, and so on, there always goes up a certain semi-visible steam, while in the act of thinking deep thoughts. While composing a little treatise on Eternity, I had the curiosity to place a mirror before me; and ere long saw reflected there, a curious involved worming and undulation in the atmosphere over my head. The invariable moisture of my hair, while plunged in deep thought, after six cups of hot tea in my thin shingled attic, of an August noon; this seems an additional argument for the above supposition."

 

 

 

16:46 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (4)

 

 

    

In Chapter 82, ‘The Honor and Glory of Whaling’ geeft Ishmael aan waarom zijn bezigheid, de walvisjacht, een eerbiedwaardige en glorierijke activiteit is: sommige van de grootste historische helden hebben het hem immers voorgedaan. Perseus hoort daarbij, toen hij Andromeda redde, en Hercules, Jonas natuurlijk en de Indische godheid Vishnoo.

En ook St. George, die men in België kent als ‘Sint Joris en de draak’, van de vroegere pakjes Groene Michel of het Brusselse wapenschild. Over hem schrijft Herman Melville:

"Laten moderne schilderingen van dit tafereel ons niet misleiden; want al wordt het creatuur waarmee die dappere walvisjager uit de oudheid (St. George) zich moest meten vaag voorgesteld in een griffioenachtige gedaante, en al wordt het gevecht uitgebeeld op het land met de heilige op een paard, toch, rekening houdend met de grote onwetendheid van die tijden, toen de ware gedaante van de walvis de kunstenaars nog onbekend was; en in aanmerking nemend dat het dier dat door Sint Joris bereden werd misschien wel een grote zeehond is geweest, of een zeepaard, dit alles in gedachten houdend, impliceert dit dat het allemaal niet geheel en al strijdig behoeft te zijn met de heilige legende en de alleroudste schetsen van het tafereel, als men deze zogenaamde draak voor niemand minder houdt dan voor de grote leviathan zelf."

Kortom, het monster van Sint Joris was eigenlijk een walvis, en de heilige een walvisjager.

16:41 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

13-06-06

Moby Dick (3)

In mijn editie van Moby Dick (uit de serie Oxford World’s Classics) heet hoofdstuk 33 ‘The Specksynder’. Hmm, zou Melville in zijn boek over walvisjacht niet eerder refereren aan het Nederlandse ‘speksnijder’ of iets dergelijks?

Maar het is geen zetfout. Want even verder lezen we: "… the fact, that originally in the old Dutch Fishery, two centuries and more ago, the command of a whale ship was not wholly lodged in the person now called the captain, but was divided between him and an officer called the Specksynder. Literally this word means Fat-Cutter; …"

Een typisch voorbeeld van de klok en de klepel.

Wat doe je dan als je deze tekst in het Nederlands wil vertalen? Helen Knopper heeft alle dubbelzinnigheid uitgebannen, en kiest resoluut in haar titel en de tekst voor ‘De speksnijder’. Jammer, toch wel.

11:55 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

04-05-06

‘Call me Ishmael’

Het verhaal van Moby Dick begint met de legendarische zin: ‘Call me Ishmael’.

Honderdveertig jaar later maakten componist Steve Reich and videokunstenares Beryl Korot de multimediaproductie The Cave. Het is een prachtige voorstelling (gezien lang geleden op het Holland Festival), spannend, humoristisch, esthetisch, en boordevol stof tot nadenken. Het klank- en beeldmateriaal is gebaseerd op gesprekken die Korot en Reich hebben gevoerd met Israëlische joden, Palestijnse moslims en Amerikaanse intellectuelen.

Het thema was: wat betekenen voor die gesprekspartners figuren als Abraham/Ibrahim, Sarah, Hagar en hun verwanten, die zowel in de bijbel als in de moslimtraditie hoofdrolspelers zijn in cruciale verhalen, en die maken dat de verschillende religies dezelfde ‘heilige plaatsen’ delen.

Ismaël komt in de beide tradities voor als de oudste zoon van Ibrahim, buitenechtelijk verwekt bij Hagar. Aan de Amerikanen vragen Korot en Reich: "Who is Ishmael?"

  • The first born son of Hagar.
  • He caused a lot of trouble.
  • The Lord says he’s gonna be a wild man.
  • Driven away with his mother.
  • He’s sort of the James Dean of the Old Testament.
  • From Moby Dick – call me Ishmael!
  • […]
  • Call me Ishmael – an outsider, a stranger.
  • […]
  • The loner, he’s the first cowboy.
  • The guy who walks off into the sunset, all by himself.
  • […]
  • From Moby Dick! That would be my first, second and third response, and then I’d have to really think and go, "Oh yeah, and that’s from the Bible."

 

Steve Reich/Beryl Korot, The Cave, Nonesuch 7559-79327-2 (1995)

15:20 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (2)

Onlangs ben ik begonnen aan Moby Dick, in de oorspronkelijke Amerikaanse versie uit 1851. Als jongen had ik wel eens een ‘jeugdversie ‘ gelezen, en zelfs een tekenverhaal over de jacht op de witte walvis. Want dat is waar het in de gepopulariseerde versies om gaat: een avonturenverhaal over een verbitterde walvisjager die zijn bemanning meesleept in zijn poging om wraak te nemen op de witte walvis die hem ooit verminkt heeft.

Maar ik ben nu aan bladzijde 109, Captain Ahab is nog niet in het boek verschenen, en de witte walvis al helemaal niet. Wel heb ik tot nu toe een uitermate komische tekst gelezen, in dat merkwaardige oude Amerikaans, vol zelfspot van de auteur en zelfrelativering van de beschaafde, blanke, christelijke man.

"I mean, sir, the same ancient Catholic Church to which you and I, and Captain Peleg there, and Queequeg here, and all of us, and every mother’s son and soul of us belong; the great and everlasting First Congregation of this whole worshipping world; we all belong to that; only some of us cherish some crotchets noways touching the grand belief; in that we all join hands." (chapter 18)

14:41 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |

Moby Dick (1)

"[…] want ik koester het grootste respect voor iemands religieuze verplichtingen, ongeacht hoe komisch, en zou het zelfs niet over mijn hart kunnen verkrijgen een gemeente van mieren te geringschatten die een paddestoel aanbidt; of andere schepselen in bepaalde delen van onze aarde, die, zich min of meer gedragend als lakeien, iets wat op andere planeten onbekend is, zich buigen voor de tors van een verscheiden grootgrondbezitter, louter en alleen wegens de buitensporige bezittingen die nog in zijn naam beheerd en verpacht worden."

Herman Melville, Moby Dick or The Whale, chapter 17, 1851 (vertaling Helen Knopper)

14:38 Gepost door durieux in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) | Tags: moby dick |  Facebook |